Nu de raadszaal van Almere soms lijkt op een boksring waar links en rechts elkaar met beschaafd ingehouden woede voor rotte vis uitmaken. Het lijkt nauwelijks nog voor te stellen, maar er was een lange periode waarin VVD en PvdA in coalities tot wederzijds tevredenheid samenwerkten.
Nu de raadszaal van Almere soms lijkt op een boksring waar links en rechts elkaar met beschaafd ingehouden woede voor rotte vis uitmaken. Het lijkt nauwelijks nog voor te stellen, maar er was een lange periode waarin VVD en PvdA in coalities tot wederzijds tevredenheid samenwerkten.
De oud-geschiedenisleraar Douwe Halbesma is met pensioen en houdt zich graag bezig met publicaties zoals over de veepest van 1769 in drie Friese dorpen en de geschiedenis van de Christelijk Gereformeerde kerk in Damwoude. Een liefhebber van de kleine historie is wel de ideale bron voor een terugblik op zijn tijd als raadslid en wethouder voor de VVD in Almere, 1994-2006.
Het was een destijds vanzelfsprekend verbond. De partijen leken in de jaren van het ‘paarse kabinet’ niet ver van elkaar af te staan. Halbesma houdt het reilen en zeilen van Almere goed bij, gaat soms naar raadsvergaderingen of volgt die thuis en is voorzitter van het Flevolands reizigersoverleg Rocovf.
Zijn bestuurlijke jaren werden gekenmerkt door samenwerking in de regio Amsterdam. “Die opgave is nu helemaal van de agenda af. Zo jammer. Economisch waren er waardevolle afspraken te maken. Als Amsterdam hoofdkantoren claimde, presenteerde Almere zich voor de afgeleide werkgelegenheid. Daar waren we succesvol in,” overziet Halbesma. “We wilden voorkomen dat Almere alleen een woonstad zou zijn.”

“Het was de wil van ons allemaal: VVD, D66 en PvdA. We zouden er de schouders onder zetten en aan de stad werken. Die opstelling was een reactie op de bestuurscrisis van 1993. We vonden dat de gemeentepolitiek weer in aanzien moest komen. Je moest het waard zijn in het college te zitten en we hebben ons ervoor ingezet niet veel ruzie te maken en constructief samen te werken.”
Douwe Halbesma kwam kort na de crisis in de gemeenteraad. Vier jaar later werd hij wethouder. Oudgedienden in de PvdA zien hem en VVD-collega Henk Smeeman als de oliemannetjes van de coalitie. Halbesma vindt zichzelf in de VVD geen hardliner en zou ‘paars’ hebben kunnen uitvinden als het nog niet bestond.
“Ik zie de sociaaldemocratie als een stroming in de maatschappij waar we niet buiten kunnen. Dat verandert nu wel een beetje, maar het vertegenwoordigt een groep mensen met wie je rekening moet houden. En dat geldt voor de VVD-aanhang ook. En niemand heeft het monopolie op de waarheid en meerderheid. Je moet samen iets van de stad proberen te maken”, is Halbesma’s boodschap.
Hij herinnert zich dat de VVD de nasleep van de bestuurscrisis veel gedaan heeft om de PvdA in het college te houden. “Jullie wilden niet opnieuw wethouders leveren. Wij hebben toen veel druk uitgeoefend omdat we jullie nodig hadden om aan de stad te bouwen.”
“Ja, ik pleit voor een brede samenwerking, VVD én GL/PvdA. Natuurlijk kan iedereen eigen accenten leggen, maar je werkt voor de hele stad en niet alleen voor je eigen kiezers. Ik vind het jammer dat de VVD helemaal naar rechts overhelt en kiest voor een centrumrechts bestuur. Je moet samen iets van de stad maken en dat kan met de sociaaldemocraten.”
Je moet samen iets van de stad maken
Kritiek op onze partij heeft Halbesma wel degelijk. “Toen de VVD uit het college stapte en de PvdA weer in het college kwam, kreeg ik sterk het gevoel dat links wraak wilde nemen. Ze zouden de VVD wel een poepie laten ruiken. Maar het moet echt van twee kanten komen.” Hij herkent dat ook in commentaren van PvdA-politici. Altijd als de naam VVD valt, gaan de stekels overeind staan. De situatie is nu dat rechts weinig voor elkaar krijgt en bij de VVD roept alles wat het college voorstelt vijandigheid op, is de analyse van de oud-wethouder.
Natuurlijk, de VVD kan verbeteren, vindt hij. Maar de PvdA ook. Hij noemt de plannen voor villawijk Overgooi als voorbeeld. “Het wordt nu afgeschilderd als een liberaal stokpaardje. Maar het vloeide voort uit de regionale samenwerking en het initiatief kwam van Job Cohen. Hij zag dat captains of industry niet in Amsterdam wilden wonen en legde Almere de vraag voor of dat probleem hier opgelost kon worden. Het was niet om rijke mensen ter wille te zijn, maar voor een volwassen stad met diversiteit.”
“Weet je wie uiteindelijk het azc naar Almere haalde? Dat was ik. Hans Ouwerkerk nam het initiatief maar ik verdedigde het in de zaaltjes en de raad. Want wij gunden elkaar een en ander.”
Uit zijn eigen partij ziet Halbesma de toenadering niet gauw komen. Wenselijk vindt hij die ook nu nog. Het blijft lang stil bij de vraag of daar iets aan te doen valt. “Je zou een gesprek moeten arrangeren, waaraan partijgenoten Smeeman en voormalig gedeputeerde Harry Dijksma deelnemen. Zij zouden dat wel willen.”
Het ligt vaak aan de personen als het klinkt in een coalitie. Ook aan de sfeer. “Ik denk nog altijd met veel plezier aan de samenwerking. We hebben toen veel voor elkaar gekregen.”





