Toenemend verzet tegen woningbouw Wat doet Almere fout?

Deel dit op social media!

Het Annapark


Gemeenteraden krijgen er vaak mee te maken: verzet van omwonenden tegen bouwplannen in een bestaande wijk. Sommige partijen slaan daar een populistisch slaatje uit door protesten te steunen of toe te juichen.


Maatschappelijk urgente woningbouwplannen dreigen soms in het gedrang te komen door tegenstand van omwonenden. Onlangs rees bezwaar tegen sociale huurwoningen aan de Boomgaardweg. Eerder ontstond tumult over 200 tijdelijke woningen in het Annapark en recent klonk kritiek tegen bouw in Pampushout.

Corporaties en instellingen hebben onlangs alarm geslagen over de dreigende vertraging door gebrek aan draagvlak.

Doet Almere iets verkeerd? “De meeste mensen houden niet van veranderingen in hun omgeving, dus is er bijna per definitie weerstand als je iets wilt doen”, zegt Lex Scholten, zestien jaar PvdA-wethouder voor wonen in Diemen. “Voor veel mensen is het schrikken als er een plan voor hun buurt komt. Zij kunnen zich niet voorstellen dat je het ook goed kunt inpassen.”

 PvdA-wethouder Lex Scholten bij een nieuw woningproject in Diemen.


“Ik neig ertoe duidelijk te maken dat de gemeente iets gaat doen en dan ga ik met betrokkenen praten over netjes inpassen. Als je de vraag stelt óf het er mag komen, geef je ruimte om het tegen te houden. De of-vraag moet door de gemeenteraad beantwoord worden. Het hangt wel van het soort plan af. Een junkenhotel naast een basisschool vind ik ook geen goed idee.”

Lex vindt het een vlucht om bij kritiek een andere locatie aan te wijzen. “In Diemen hebben we die luxe trouwens niet. Maar áls je keus hebt, moet je dat wel in je achterhoofd houden.”

Een PvdA’er die zowel in Amsterdam als Almere bouwde, oud-wethouder Tjeerd Herrema, is er voorstander van kleine projecten te kiezen als je weerstand kunt verwachten. “Almere is er niet goed in bewoners mee te nemen in wat wel en niet kan. Dat komt doordat hier geen traditie van stadsvernieuwing is. Maar de gemeente leert ook nooit iets van projecten uit het verleden.”

Na ervaring met gevoelige projecten in Amsterdam, stelt hij: “Als je geen rekening houdt met wat omwonenden willen, ben je gedoemd te mislukken. Het breekt Almere op dat hier iets wordt bedacht en dat mensen gaan steigeren als het naar buiten komt. Kijk naar de plannen voor uitbreiding van de tbs-kliniek. Die bestonden al, maar bewoners hoorden er toevallig van – dan sta je op achterstand.”

“Als je een moeilijke groep wilt huisvesten en er is risico van overlast, bespreek dat dan eerst. Bekijk samen wat je daaraan kunt doen. Je moet omwonenden meenemen en duidelijk maken dat niet alles kan en mag. Neem mensen mee naar vergelijkbare projecten in een andere stad. Laat zien dat angst niet terecht is. Of, als dat wel zo is, dat je toezegt er bovenop te zitten. Elke stad verandert en daar moet je mensen bij betrekken. De stad is van de mensen, niet van de bestuurders.”

In de Diemense wijk Buitenlust gaat Scholten veertig sociale huurwoningen bouwen, ten koste van speelruimte. “Mijn opdracht was samen met de buurt een plan te ontwerpen. Daar komt niets van terecht, want de buurt was tégen. Ze zeggen dat er geen woningtekort is en dat er elders betere plekken zijn. Nu de raad besloten heeft toch te bouwen, willen de buren opeens meepraten over ligging en over iets verschuiven...”

Arjan Deutekom, directeur van woningcorporatie Goede Stede, zegt: “Als Almeerse corporatie hebben wij er begrip voor dat buurtbewoners soms hun bedenkingen hebben bij veranderingen. Wij vinden het echter belangrijk dat we alle belangen steeds wegen; van de omwonenden, maar ook die van ruim 20.000 woningzoekenden. Met zoveel woningzoekenden is het evident dat de urgentie bij alle nieuwbouwprojecten enorm hoog is.”

Over de ruimte voor omwonenden is Deutekom helder: “Bij een locatie die in een bestemmingsplan aangewezen is voor toekomstige woningbouw, moet het niveau van participatie direct duidelijk zijn. Het traject kan sneller verlopen als we vooraf strakkere kaders meegeven: wat is nog wel bespreekbaar en wat niet meer om het project haalbaar te maken. Wellicht helpt het als de stedenbouwkundige van de gemeente samen met de ontwikkelaar en/of corporatie optrekt om die kaders te schetsen zonder een kant en klaar plan te presenteren. Op basis van duidelijke kaders kunnen we, samen met de buurt, verder nadenken en het plan verbeteren.”

Deutekom vindt De Deining in de Marken daarvan een mooi voorbeeld. “Met duidelijke stedenbouwkundige randvoorwaarden zijn wij met de buurt aan de slag gegaan waardoor er een seniorencomplexje is ontstaan dat we in goed overleg met buurtbewoners en toekomstige huurders hebben ontwikkeld. Zo kan het ook!”

In Diemen heeft Lex Scholten veel ervaring met bezwaren. Tegen een onlangs geopende complex met zestig sociale huurwoningen in een woontoren maakten overburen bezwaar omdat de huurders in hun tuin zouden kunnen kijken...

Lex: “We zijn wel wat gewend. Je krijgt kritiek omdat bouw ten koste zou gaan van flora en de grondwaterstand. Dan ben ik een rare gozer en kijk even op Google Earth. Daar zie ik dat de klager zijn hele tuin betegeld heeft. Ja, dan kan ik mijn mond niet houden.”


 

terug